“Maar dan opeens gaat alles fout..”


Ik word gedropt midden in een woonwijk. Als ik goed kijk zie ik dat er twee nestelende ooievaars op een elektriciteitspaal zitten. Aan beide kanten van de weg zie ik hetzelfde: een straat met huizen. Ik besluit de kant van de ooievaars op te gaan, want daar zie ik een soort kerktorentje in de verte. Het kerktorentje blijkt geen kerk te zijn, maar een soort toren waarin een heilig beeld staat, meer niet. Ik vervolg mijn weg en rijd over een spoorwegovergang. De straat lijkt op de straat er voor, maar nu zie ik ook af en toe een tarwe veld. 

De tekst bij het bushokje kan ik niet lezen, ik begrijp de taal niet. Ook kan ik nog geen gok maken, ik heb wel eerder gedacht dat ik aan factoren als “elektriciteit boven de grond” en “een taal met veel puntjes en streepjes op de letters” kon bepalen waar ik was: in die gevallen zat ik meestal fout. Dus ik gok nog niks. 

Zusjes en Route HongarijeZusjes en Route Hongarije

Ik rij nu het dorpje Zalaszentjakab uit en ik zie dat de elektriciteit boven de grond stopt. Ojee… middle of nowhere, here we come! Het valt mee, want even verderop zie ik een snelweg waar ik met een brug overheen rij. Ik kan de snelweg niet opkomen, vanaf waar ik nu rijd. Helaas peanutbutter! Ik vervolg mijn weg.


Na een poosje rijden kom ik op een kruispunt met een duidelijke wegwijzer. Een hoop namen die me niks zeggen, maar onderaan: Budapest! Hopla! Hongarije! Laten we die kant op gaan, aangezien de rest van de namen me niks zeggen en er geen vliegtuig icoontje staat. Budapest, let’s go! Dus ik sla rechts af.


Gelukkig mag je hier niet met paard en wagen op de weg rijden.

Dan staat er een bord, waar op staat dat Budapest nog 195 km is. Ga ik dit doen? Misschien kom ik onderweg nog wel een afslag naar een dichterbij gelegen vliegveld? Mijn andere opties zijn terug gaan.. en dan een keuze maken tussen twee plaatsen en wegen die ik niet ken. Budapest klinkt veiliger.

De omgeving is mooi, rustig en groen. Velden worden afgewisseld door stukjes bos en struiken. Een stukje verderop kan ik van de weg af om richting Galambok te gaan. Ik moet lachen om de naam, aangezien het in mijn hoofd klinkt als een Glamour Bok en iemand die visueel is ingesteld, ziet dit gelijk voor zich. Ik negeer Galambok en besluit verder rechtdoor te gaan.

Langs de weg zie ik af en toe kleine bordjes staan die lijken af te tellen. Nee toch, dit zullen toch niet de kilometers naar Budapest zijn. In dat geval schiet het geen reet op. Sneller klikken! Ik heb met dit spel altijd het gevoel dat ik haast moet maken. Geen idee waarom. Het gevoel van “straks mis ik het vliegtuig!” Wat natuurlijk nergens op slaat.


Maar dan: Een aanwijzing: de eerste rechts richting Budapest via de snelweg. Yes please! Misschien rijdt dat sneller! Goed onthouden, eerste rechts.

Plots veranderen de seizoenen. Alles is kaal en het is opeens mega winter. Pas als ik de afslag naar Budapest neem verandert het weer terug naar zomer. Ik zit nu op de snelweg richting Budapest, en dat is best saai. Een bord verteld me dat ik nu nog 190 km moet. Dit schiet echt niet op.

Gelukkig gaat het op snelweg sneller… (ja ja grappig). Nu nog 174 km. Het is wel gigantisch saai onderweg. Maar! De kans dat ik een bordje met een vliegtuig er op tegen kom is veel groter, dan dat ik door de kleine dorpjes was gegaan. De seizoenen zijn wel al 6 keer veranderd en behalve sneeuw heb ik ook alle weertypes gezien. Dit houdt het spannend. Ik ben altijd benieuwd hoe Google Maps die beelden aan elkaar plakt, waardoor je dus seizoens verschillen hebt op sommige stukken.

Ik kom vrachtwagens uit Polen, Kroatië, Slovenië en Hongarije tegen. Dat zijn precies de landen waarvan ik in het begin dacht dat ik er wel eens kon zijn. Ik heb een gevoel dat voor ik in Budapest aankom, ik nog een grens over moet. Maar waar en wanneer, dat weet ik niet. Misschien ben ik ook al wel gewoon in Hongarije. Dat zou nog makkelijker zijn. Toch lijkt het mij leuk om een keer een landsgrens over te gaan met Mapcrunch. Dat heb ik nog nooit gehad.


Bij deze borden moet ik altijd aan onze ouders denken, die dan op vakantie vroeger zeiden: “Zo! Die herten hier kunnen hoog springen!” Dat Tuulla en ik dan gniffelden en zuchtend naar elkaar keken van: “Alweer?”


Het landschap wordt al saaier. Daarmee bedoel ik: het lijkt wel erg op Nederland. Het is dat ik vaag in de verte een paar heuvels kan zien en de taal op de borden niet spreek, anders raakte ik nu in de war.
Nog 149 km. Dat betekend dat ik ongeveer 50 km per 30 minuten klik. Dat moet ik dus gaan redden binnen niet al te lange tijd.

Ik houd nauwlettend de afslagen in de gaten. Misschien dat er al eerder een afslag naar een vliegveld komt. Verder gaat de weg door, en zoals iedere snelweg en zoals al eerder gezegd: het is erg saai. Er gebeurt niks. Geen spannende auto’s of vreemde taferelen. Volgens mij reed ik net wel langs een heel groot meer, wat ik net in de verte kon zien. 



Nog 124 km – een beetje spanning: we gaan over een heulll hoog viaduct! Spannend hoor. Als je de Pont de Normandie (in Frankrijk) gewend ben, valt alles snel mee. Mensen die wel eens door bergpassen hebben gereden doen nu de “pffft, hou je mond, muts, wat weet jij er nou van”. Waar ze gelijk in hebben. Weet ik veel! Maar ik vind de Pont de Normandie altijd erg spectaculair, zo hoog.


Het uitzicht is wel echt te gek: als je de vangrail weg denkt.

Alles gaat rustig zijn gangetje. Ik rijd door en maak kilometers als een gek. Maar dan opeens gaat alles fout. Ik klik, rustig, recht door, zoals ik al meer dan een uur doe. En plots, uit het niks, sta ik op een zandweggetje ONDER de snelweg. Er lijkt geen mogelijkheid te zijn om weer terug de snelweg op te komen. Ik klik nog een paar keer wanhopig, maar het lukt niet. Dit meen je niet. Ik was bijna in Budapest! Ik wil niet opgeven, ik blijf als een bezetenen klikken, dubbel klikken, op de bosjes en de omgeving, waar de snelweg moet zijn. Na een mental breakdown en een muisvinger van heb ik jou daar: flitst mijn scherm. IK BEN TERUG! Terug op de snel weg! YES! Het enige probleem is nu, dat ik niet meer weet welke richting ik op ging, of ik op de goeie rijbaan zit. Er is maar één manier om daar achter te komen: door gaan.


Nadat ik er gelukkig snel achter kwam dat ik de verkeerde kant op reed, vervolgde ik snel mijn weg op de juiste weghelft richting Budapest. Nog 70 kilometer.

Dan kom ik een bord tegen wat ik niet ken en niet begrijp. Ik denk dat dit een ringweg aanduid en dat ik stug rechtdoor moet en de stad waar dit om heen gaat, gewoon kan negeren. Of! Één van deze woorden moet “vliegveld” betekenen. Nee dat zal wel niet, dan staat er altijd een pictogram naast. Toch? 


Het bord langs de weg verteld me dat ik nog ongeveer 55 km moet. Dit is te doen! Ik moet nu gaan opletten dat ik borden naar het vliegveld niet ga missen. De enige (constant herhaalde) reclame borden langs de weg zijn dat ik een soort fles vloeistof in mijn auto moet doen in plaats van een pul bier. Heel duidelijk. En ik kom steeds reclames tegen van een soort mega frappuccino in een flesje. Wat me onsmakelijk lijkt.

Terwijl Patti Smith “Smells Like Teen Spirit” in mijn oor zingt, nader ik Budapest al sneller. Het wordt ook drukker op de weg. Goed blijven opletten! We kunnen er zomaar zijn!


Betekend dit dat er over 3 kilometer honden op de weg lopen? Ik ken dit bord niet. Wat denken jullie?

JA! Een vliegtuig symbooltje! Niet bij Budapest, maar de andere route. YES! Laten we die aanhouden. Dan komt het vast goed. Ik sla van de weg af, en volg nu een ander stuk snelweg. Ik miste precies de wegwijzers omdat er een vrachtwagen rechts met me mee reed, maar volgens mij zit ik goed.

Na nog een poos doorklikken en wat wegwerkzaamheden, waardoor ik van linker rijbaan, naar rechter rijbaan word geslingerd (ik voel me serieus een beetje wagenziek nu), kom ik een bord tegen wat me zeer goed bevalt:

Over 24 kilometer ben ik bij het vliegveld jongens!

Gelukkig is het seizoen nog weer twee keer veranderd, dit houdt het spannend en zorgt er voor dat ik alert blijf. Ik neem de afslag naar het vliegveld en rij van de grote weg af. Eens kijken hoe ver we gaan komen. Op sommige plekken kan je namelijk precies niet tot aan het vliegveld rijden. Maar we gaan het meemaken.

Een tijdje later.. Op een bord langs de weg lijkt het net of ik in een megaaa rondje om Budapest ben heen gereden en het nu (alweer) als nog 23 kilometer is. Maar dat is niet belangrijk! Wat ik ook zie: Nog drie kilometer om bij het vliegveld te komen! 

Ja hoor jongens, ik ben er! Wat was dit weer een avontuur. Beetje saai, zo veel snelweg. Maar dat weet je van te voren nooit. Dat is het leuke van dit spel!



Ik schrok me rot toen ik google maps opende en mijn route invulde: ik ben half Hongarije doorgereden!? Mijn hand voelt verkrampt, door het klikken met de muis. Ik ben blij dat het over is. Stomme snelweg.



Dit avontuur is beleefd en geschreven door Loeka. De beelden zijn afkomstig van MapCrunch (Google Streetview).


Reacties