- Link ophalen
- X
- Andere apps
Gepost door
Loeka
op
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Wat is dit nu? Ja, jullie zien het goed! Tuulla & Loeka gaan weer samen op reis! Dit keer voor een Valentijn special! Het leek ons leuk om een special te schrijven voor Valentijnsdag om misschien een land op een romantische manier te bekijken. Kan dat überhaupt als je met twee zussen en een hoop chaos in een “virtuele auto” zit?
We gaan klaar zitten voor de computer met een kopje thee en hopen op een romantisch land. Misschien wel Italië? Frankrijk hebben we natuurlijk tijdens de Kerstspecial al gehad. Ondertussen mompelt Tuulla: “een nieuwe reis, een nieuwe vijf uur waarin Loeka constant foto’s wil maken…” - De eerste sneer is eruit: we zijn begonnen!
We laten ons droppen en zien een mega mooi uitzicht. We staan aan de rand van een mooi groen dal en als we de andere kant op kijken, zien we bergen en de weg omhoog gaan. We zijn meteen verkocht: dit wordt echt een special!
Maar nu eerst de vraag: willen we de berg afdalen of oprijden? Tuulla suggereert dat het misschien verstandig is om hoger op te klimmen voor een beter uitzicht. Loeka wil graag naar beneden, want misschien duurt het nog wel erg lang voordat we daadwerkelijk “op” de berg zijn. Na een kort overleg besluiten we af te dalen. Op weg naar het onbekende, de prachtige natuur in.
“Uxahryggir” lezen we op een smal bordje dat we bij een zijweggetje passeren. Dit is zo’n plaatsnaam die je beide leest, elkaar even aankijkt, en dan maar niet hard op uitspreekt. Dat gaat ons niet lukken om dat netjes ons mond uit te krijgen. Het woord lijkt wel een beetje Scandinavisch? Samen met het landschap zou dat heel goed kunnen. Of misschien IJsland? Of Groenland? Die talen kennen we ook niet.
Ondertussen begint Loeka namen op te noemen van eilandgroepen die haar doen denken aan de natuur die ze nu ziet, zoals de Falkland eilanden en de Faeröer eilanden. Tuulla doet een duid in het zakje met Schotland. Al snel realiseren we ons dat ze daar geen talen spreken waarin veel woorden voorkomen die eindigen op ‘ir’. Misschien houden we het voor nu toch maar nog even bij Scandinavië, IJsland of Groenland.
Als we een stuk lager rijden, kijken we even achterom en wat een prachtig uitzicht zien we daar! In Google Streetview is het erg lastig te zien of je naar beneden of omhoog rijdt. Soms zie je dat pas goed als je even stopt en achter om kijkt, of je beeld een keer helemaal rond draait. We rijden dus daadwerkelijk “bergafwaarts”. De grond is soms kleiachtig maar op andere plekken heel droog en bijna vulkanisch. Naast de onverharde weg duikt af en toe een stroompje water op die zich soms vormt in kleine beekjes. Wat voor water zal dit zijn? Smeltwater uit de bergen? Het stroomt soms zelfs best snel! We hebben wel het idee dat het “met ons mee stroomt” dus dit zien we als een extra bevestiging dat we bergafwaarts rijden.
L: ’Ik ben gewoon geïntrigeerd door het water!’
T: ’Rijd nou gewoon door, we zijn pas net onderweg! Op dit tempo wordt het acht uur vanavond voordat we een vliegveld hebben gevonden…’
L: ’Maar als je langer blijf, krijg je straks chips en wijn.’
De rook in het beeld is soms een beetje verwarrend. Is het nou rook vanuit de auto (paniek, hebben we pech!?) of van de weg, omdat die onverhard is? Het komt door de onverharde weg en het magische feit dat wij (weer eens) achteruit aan het rijden zijn.
We passeren ondertussen een zijweg met de naam ‘Brenna’. Sporadisch verschijnen en verdwijnen er huisjes in het landschap. Een soort mini dorpjes. Veel met een vee rooster bij de toegangsweg.
We komen een woord tegen op een bord “blindhaed”. Dat lijkt wel heel erg op het Nederlands. Welke taal lijkt ook alweer zo erg op Nederlands in sommige gevallen? Is dat Zweeds?
Tijdens de kilometers die volgen, blijven we benoemen hoe tof en mooi we de natuur vinden! Waar we ook zijn, we zouden er graag een keer een kijkje nemen. Ondanks dat we nog steeds geen idee hebben waar we zijn, begint de weg een beetje uitzichtloos te worden. Dat wordt dan een “uitzichtloze relatie” grappen we vanwege Valentijn.
De bergen sluiten ons steeds minder in en we rijden echt in een soort dal. Het noorden ligt aan onze rechterhand dus we rijden naar het westen. We hebben nu beide het idee dat we richting zee rijden. Ook is de lucht zo enorm schoon, dat we voor ons gevoel op een eiland zitten. Maar op dit punt weten we nog niks zeker. Straks hebben we dit helemaal mis en zitten we gewoon ergens in het noorden van Canada?!
We komen aan bij de eerste keuze van de reis: Lundur is nog 4 kilometer en Borgarnes nog 34 km. We zijn bang dat Lundur net zo een klein dorpje is als we telkens bij de zijwegen hebben gezien, dus we kiezen voor een plek die verder ligt en hopelijk groter is.
Opeens roept Loeka: KIJK EEN VLIEGTUIG IN DE LUCHT! We zien een witte streep hoog in de lucht met voorop een vliegtuig die van ons af vliegt. Oh nee, rijden we er dan nu vandaan? Hij is al zo hoog! Misschien is het wel een internationale vlucht? We blijven de weg maar volgen. Hadden we toch bergop moeten gaan?
In de verte zien we paarden staan! We reageren altijd erg enthousiast op verschillende dieren die we naast de weg zien staan en hopen nog altijd om een leeuw of giraffe te zien via Google Streetview. We gokken dat ons dat niet gaat lukken in dit land, maar goed, paarden zijn ook altijd gezellig. Naast paarden komen we nu ook koeien tegen. Loeka merkt op dat deze soort koeien letterlijk overal kunnen staan op de wereld. Geen typische koeien voor een bepaald land of specifieke regio helaas. Ondertussen hebben we nog steeds het idee dat we richting zee gaan. Plots maakt de onverharde weg plaats voor asfalt en roept Tuulla opeens: ZIJN WE IN WALES? Loeka verklaart Tuulla gelijk voor gek. Nee, het klinkt niet erg Welsh en dan zouden ze toch ook wel in het Engels dorpen en steden aangeven?
We komen wat auto’s tegen waar we even naar binnen spieken. Sommige bestuurders hebben vrij alledaagse kleding aan en het raam dicht. Andere bestuurders zijn dik ingepakt en rijden met hun raam open. Zou het hier dan nu zomer zijn? Of wordt het hier gewoon niet zo warm? Eindelijk komen we weer borden tegen en kunnen we linksaf richting Hvalfjörour. Als we rechtdoor gaan kunnen we naar Reykholt, dat is wel de andere kant op van onze oorspronkelijke weg naar Borgarnes, en naar… REYKJAVIK?!
Na een poosje doorrijden komen we plots voor het eerst in de echt bebouwde kom met aangeplante bomen en plantsoenen. Geen “wilde” natuur, maar aangelegd door mensen. Het beeld van IJsland verandert. Er is nu ook soms enkele hoogbouw te zien en we naderen een ring weg.
We gaan klaar zitten voor de computer met een kopje thee en hopen op een romantisch land. Misschien wel Italië? Frankrijk hebben we natuurlijk tijdens de Kerstspecial al gehad. Ondertussen mompelt Tuulla: “een nieuwe reis, een nieuwe vijf uur waarin Loeka constant foto’s wil maken…” - De eerste sneer is eruit: we zijn begonnen!
We laten ons droppen en zien een mega mooi uitzicht. We staan aan de rand van een mooi groen dal en als we de andere kant op kijken, zien we bergen en de weg omhoog gaan. We zijn meteen verkocht: dit wordt echt een special!
Maar nu eerst de vraag: willen we de berg afdalen of oprijden? Tuulla suggereert dat het misschien verstandig is om hoger op te klimmen voor een beter uitzicht. Loeka wil graag naar beneden, want misschien duurt het nog wel erg lang voordat we daadwerkelijk “op” de berg zijn. Na een kort overleg besluiten we af te dalen. Op weg naar het onbekende, de prachtige natuur in.
“Uxahryggir” lezen we op een smal bordje dat we bij een zijweggetje passeren. Dit is zo’n plaatsnaam die je beide leest, elkaar even aankijkt, en dan maar niet hard op uitspreekt. Dat gaat ons niet lukken om dat netjes ons mond uit te krijgen. Het woord lijkt wel een beetje Scandinavisch? Samen met het landschap zou dat heel goed kunnen. Of misschien IJsland? Of Groenland? Die talen kennen we ook niet.
Ondertussen begint Loeka namen op te noemen van eilandgroepen die haar doen denken aan de natuur die ze nu ziet, zoals de Falkland eilanden en de Faeröer eilanden. Tuulla doet een duid in het zakje met Schotland. Al snel realiseren we ons dat ze daar geen talen spreken waarin veel woorden voorkomen die eindigen op ‘ir’. Misschien houden we het voor nu toch maar nog even bij Scandinavië, IJsland of Groenland.
Als we een stuk lager rijden, kijken we even achterom en wat een prachtig uitzicht zien we daar! In Google Streetview is het erg lastig te zien of je naar beneden of omhoog rijdt. Soms zie je dat pas goed als je even stopt en achter om kijkt, of je beeld een keer helemaal rond draait. We rijden dus daadwerkelijk “bergafwaarts”. De grond is soms kleiachtig maar op andere plekken heel droog en bijna vulkanisch. Naast de onverharde weg duikt af en toe een stroompje water op die zich soms vormt in kleine beekjes. Wat voor water zal dit zijn? Smeltwater uit de bergen? Het stroomt soms zelfs best snel! We hebben wel het idee dat het “met ons mee stroomt” dus dit zien we als een extra bevestiging dat we bergafwaarts rijden.
L: ’Ik ben gewoon geïntrigeerd door het water!’
T: ’Rijd nou gewoon door, we zijn pas net onderweg! Op dit tempo wordt het acht uur vanavond voordat we een vliegveld hebben gevonden…’
L: ’Maar als je langer blijf, krijg je straks chips en wijn.’
We passeren ondertussen een zijweg met de naam ‘Brenna’. Sporadisch verschijnen en verdwijnen er huisjes in het landschap. Een soort mini dorpjes. Veel met een vee rooster bij de toegangsweg.
We komen een woord tegen op een bord “blindhaed”. Dat lijkt wel heel erg op het Nederlands. Welke taal lijkt ook alweer zo erg op Nederlands in sommige gevallen? Is dat Zweeds?
Tijdens de kilometers die volgen, blijven we benoemen hoe tof en mooi we de natuur vinden! Waar we ook zijn, we zouden er graag een keer een kijkje nemen. Ondanks dat we nog steeds geen idee hebben waar we zijn, begint de weg een beetje uitzichtloos te worden. Dat wordt dan een “uitzichtloze relatie” grappen we vanwege Valentijn.
De bergen sluiten ons steeds minder in en we rijden echt in een soort dal. Het noorden ligt aan onze rechterhand dus we rijden naar het westen. We hebben nu beide het idee dat we richting zee rijden. Ook is de lucht zo enorm schoon, dat we voor ons gevoel op een eiland zitten. Maar op dit punt weten we nog niks zeker. Straks hebben we dit helemaal mis en zitten we gewoon ergens in het noorden van Canada?!
We komen aan bij de eerste keuze van de reis: Lundur is nog 4 kilometer en Borgarnes nog 34 km. We zijn bang dat Lundur net zo een klein dorpje is als we telkens bij de zijwegen hebben gezien, dus we kiezen voor een plek die verder ligt en hopelijk groter is.
Opeens roept Loeka: KIJK EEN VLIEGTUIG IN DE LUCHT! We zien een witte streep hoog in de lucht met voorop een vliegtuig die van ons af vliegt. Oh nee, rijden we er dan nu vandaan? Hij is al zo hoog! Misschien is het wel een internationale vlucht? We blijven de weg maar volgen. Hadden we toch bergop moeten gaan?
We komen wat auto’s tegen waar we even naar binnen spieken. Sommige bestuurders hebben vrij alledaagse kleding aan en het raam dicht. Andere bestuurders zijn dik ingepakt en rijden met hun raam open. Zou het hier dan nu zomer zijn? Of wordt het hier gewoon niet zo warm? Eindelijk komen we weer borden tegen en kunnen we linksaf richting Hvalfjörour. Als we rechtdoor gaan kunnen we naar Reykholt, dat is wel de andere kant op van onze oorspronkelijke weg naar Borgarnes, en naar… REYKJAVIK?!
Dus we zijn gewoon in IJsland! Dan is het nu een “ijskoude relatie” geworden (Tuulla vindt zichzelf hier uitermate grappig, Loeka zucht). Maar wat leuk! Dan zaten we dus helemaal in de goede hoek te denken: eiland klopt, koud klopt, vreemde namen klopt, richting zee klopt.
We rijden op nog een kruispunt af waar Reykjavik niet meer wordt aangegeven op de borden. Dat betekent waarschijnlijk dat het nog heel ver is en dat we de richting van de andere plaatsen nog even moeten aanhouden. We kijken elkaar hoopvol aan, jeetje wat een tof land!
Loeka: ‘Ik wist niet dat ik een keer naar IJsland zou willen gaan, maar dus, blijkbaar, ECHT WEL!’
Ja hoor! Daar is de zee! Als dit het uiterst westen van IJsland is, dan moet dit stuk de Straat van Denemarken zijn. Zo heet de zeestraat tussen Groenland en IJsland, omdat ze beiden ooit een kolonie waren van Denemarken.
We blikken even terug naar toen we nog niet wisten in welk land we waren. Het landschap is namelijk, als je er niet bekend mee bent, best moeilijk te peilen! We raakten eerst al in de war van de huisjes die we zagen! Ze lijken de ene keer Amerikaans en de andere keer Scandinavisch of een bonte mix van beide. Wel gokten we ook al een hele hoop dingen gelijk goed. Het smeltwater en het vulkanisch gesteente, maar we konden daar geen conclusie uit trekken.
Het landschap van IJsland is bergachtig. Tafelbergen wisselen af met actieve en slapende vulkanen, waartussen rivieren zich een weg banen. Omdat IJsland geologisch gezien nog jong is, en de rivieren zich nog een weg door het harde vulkanische gesteente (basalt) moeten slijten, komen er ook veel watervallen voor, waarvan er een aantal spectaculair zijn: onze tip, google deze even! Wij zijn ze helaas niet tegen gekomen, maar de foto’s die we op google hebben gevonden: wauw!
T: ‘Nee Loeka, niet nog een foto…’
L: ‘Ik keek gewoon, in de verte over het water heb je ook bergen enzo…’
T: ‘Ja, ja…’
We zien Borgarnes in de verte liggen. Het ligt als een soort schiereiland in het water en stiekem willen we er wel een kijkje nemen, maar voor nu genieten we alleen even van het uitzicht. Het is namelijk nog 71 km tot Reykjavik! We laten Borgarnes achter ons en vervolgen onze weg.
We rijden langs Hotel Bru. Tijd voor lunch: een IJslandse lunch! We maken een pitstop en gaan op zoek naar typische IJslandse gerechten. Koffie is gelukkig erg populair op het eiland, en dat kunnen we zeker gebruiken om wakker te blijven achter het stuur!
Als we verder kijken zien we dat onder de typisch IJslandse gerechten dingen vallen als “Gefermenteerde Groenlandse haai” “Zwart geblakerde schapenkop” “Zure ingelegde zeehondenvinnen”. Onze magen zijn daar misschien niet sterk genoeg voor… Gelukkig vindt Loeka daarna al snel dat ze allerlei lekker soorten gebakjes hebben. Dus bestellen we denkbeeldig een “Bollur” (een soort soezen) en een “Kleinur” (gefrituurd broodje, wat word vergeleken met een donut). Een zoete lunch! Njóttu máltíðarinnar! (Dat betekent: Eet smakelijk!)
Loeka probeert Tuulla er ook nog van te overtuigen dat ze ergens “Brennivín” moeten scoren. Dat is IJslandse brandewijn, plaatselijk ook bekend als “Black Death” - hoe cool is dat!?
Na onze denkbeeldige lunch bij Hotel Bru rijden we verder. Links blijven de bergen opduiken en rechts houdt de zee ons gezelschap.
Als Tuulla net het stuur heeft overgenomen, rijden we door Hvalfjörour en vinden daar een bord waarop staat dat we waarschijnlijk door een tunnel moeten om naar Reykjavik te komen. Tuulla begint een beetje vreemd te doen en moeilijk te ademen. Misschien toch een beetje last van ‘Google maps-tunnel’ rij angsten?
We besluiten door te zetten en ondanks de lichte paniek die bij Tuulla opspeelt toch naar de tunnel te gaan. We kunnen ook een andere weg nemen, maar die gaat helemaal over het land en om het water heen: dan duurt Reykjavik nog 92 kilometer en dat is toch wel een flink stuk omrijden.
Verderop staat een bord waar staat dat je “veggjald” moet betalen. Na even het IJslandse woordenboek erbij te hebben gepakt, blijkt dit “tol” te betekenen. We betalen 1000 IJslandse kronen bij het tolpoortje.
Tuulla begint te flippen nu ze dichter bij de tunnel komt: de tunnel gaat onder het water door. Loeka vindt dit wel cool en spannend, ze heeft nog nooit een lange tunnel gereden in MapCrunch en wil dat graag een keer doen. ‘De tunnel is maar 5770 meter, Tuul, dat valt wel mee!’
Maar Tuulla ziet het niet zitten. Dus, Loeka neemt het stuur over en rijdt door de tunnel in een paar minuutjes. Na de tunnel neemt Tuulla gelijk het stuur weer over. Tuulla wil namelijk kilometers maken. We rijden door in de prachtige omgeving. Zee en bergen met prachtige luchten. Tuulla betrapt zichzelf er ook op dat ze veel stopt om naar het landschap te kijken. (Dat gene waar ze Loeka constant op aan sprak - hier lachen we even om - ‘Ja maar het is zo mooi!? Dit kennen wij echt niet he!?’ - en dat is waar.)
Het land is echt zo enorm mooi. Er zijn momenten dat we met ons mond open naar het beeldscherm zitten te kijken. We bespreken gelijk ook hoe we dit een ideaal land vinden, voor avontuurlijke mensen die eens iets anders willen, om romantisch met zijn tweeën een roadtrip te maken. Er valt zo veel te zien. We hebben meer dan de helft nog niet eens gezien en we zijn al verkocht. Het lijkt ons sowieso te gek om deze reis eens in het echt te maken. Nu onze vriendjes nog overhalen…
![]() |
| Als je goed kijkt zie je Reykjavik in de verte al liggen. |
Eenmaal op de ringweg zoeken naar een “flugvöllur”. Dit betekent vliegveld. We gokken dat die aan de zuidelijke kant van de stad ligt. Aangezien letterlijk de meeste landen wel ten zuiden van IJsland liggen. Niet veel later zien een pictogram waar we blij van worden: als we het bord goed begrijpen staat er dat het vliegveld van Reykjavik in Keflavik ligt, hiervoor moeten we alleen route 41 volgen. Let’s go!
Als Tuulla denkt in de verte een vliegveld te zien en al bijna roept ‘We zijn er bijna!’, blijkt het een Ikea te zijn. Het blijft vreemd om in een koud land, waarvan je eerst nog gokt dat het Zweden is, een Ikea te zien, hoe normaal het eigenlijk ook is.
Na een verdacht lange tijd te klikken twijfelen we wel of de route naar Keflavik klopt. Voor ons gevoel verlaten we de ringweg en gaan we juist bij de stad weg?! We blijken inderdaad fout te rijden als we een bord zien waarop staat dat Keflavik nog 40 kilometer verderop is. We besluiten terug te rijden en het vliegveld van Reykjavik zelf te zoeken.
“Vroem vroem make way, I’m going fast now”, roept Tuulla terwijl we door de buitenwijken van Reykjavik schieten, terug de stad in: op weg naar het juiste vliegveld!
We rijden wat heen en weer rond om het vliegveld. We hebben toch het gevoel dit misschien niet het vliegveld is wat ons naar Nederland gaat brengen. Maar nooit geschoten is altijd mis!
We komen aan op het vliegveld. Het blijkt inderdaad een vliegveld te zijn voor binnenlandse vluchten. We waren ons er niet helemaal bewust van dat die er zouden zijn op IJsland?! Maar via dit vliegveld komen we vast, op wat voor manier dan ook, wel weer terug naar ons kikkerlandje. Ons kikkerlandje waar het ondertussen ook flink koud is geworden! Misschien voelt het avontuur door IJsland nu wel een stukje echter met de kou zo dichtbij?
Dat was de reis alweer! Pfoe! Wat een land! We voelen ons goed en voldaan, met deze geslaagde en vooral super mooie reis. Misschien, op een dag in de toekomst, komt er een live verslag van de Zusjes en Route vanaf IJsland. Tot die tijd, zullen we af en toe nog even op google kijken, hoe mooi IJsland is.
Dit avontuur is beleefd en geschreven door Loeka & Tuulla samen. De beelden zijn afkomstig van MapCrunch (Google Streetview). Extra info over IJsland is gevonden op Wikipedia of Google Translate.
airport spel
google maps
google streetview
IJsland
Loeka
mapcrunch
reisblog
reizen
route
Tuulla
virtueel reizen
Zusjes en Route
- Link ophalen
- X
- Andere apps

































Reacties
Een reactie posten